JExpBiol2013-InsideJEB-crushable-molluscs-key-to-Bohai-Bay-s-popularity

Kanoeten aan de tap in Bohai Bay

Kanoeten maken lange vliegreizen van hun overwinteringsgebieden in het zuiden, naar de broedgebieden op de toendra. De ondersoorten rogersi en piersmai bijvoorbeeld, vliegen van Noord-West Australië en Nieuw Zeeland naar de Arctische toendra. Een afstand tussen de 10.000 en 15.000 kilometer met onderweg maar één tussenstop: Bohai Bay in de Gele zee, China. Tijdens de ‘rustpauze’ van gemiddeld 29 dagen moeten de vogels een energievoorraad aanleggen voor het vervolg van de reis. Tegelijkertijd is het vereist om zo min mogelijk energie te verbruiken. Hoe kanoeten van de Oost-Atlantische trekroute dat bolwerken is onderzocht, en recent gepubliceerd in het wetenschappelijk tijdschrift The Journal of Experimental Biology.

Eerdere studies aan de strandloper, zoals gedaan in de Nederlandse Waddenzee, laten zien dat kanoeten de grootte van hun maag aanpassen aan de hoeveelheid en kwaliteit schelpdieren in de wadbodem. Schelpdieren met een hoge ‘vlees-schelp’ verhouding zijn kwalitatief goed. Dat betekent: een kanoet hoeft weinig schelpmateriaal te kraken in verhouding tot de hoeveelheid vlees die de prooi oplevert. Wanneer de verhouding ‘vlees-schelp’ laag is, heeft een kanoet een grotere maag nodig om aan voldoende energie te komen; immers er moet meer schelpmateriaal gekraakt worden. Een grote maag brengt alleen wel hogere onderhoudskosten met zich mee. In vergelijking met een kleine maag kost het nu eenmaal meer energie om de vele spieren in conditie te houden. En dat is nou net wat een kanoet niet wil: energie verbruiken tijdens het opvetten. De vogel wil zo kosten efficiënt mogelijk energie opbouwen!

In Bohai Bay eten kanoeten vooral kleine, doorslikbare Potamocorbula laevi prooien. Deze tweekleppige schelpdieren hebben een lage ‘vlees-schelp’ verhouding. Volgens bovenstaande is dan te verwachten dat kanoeten een grote maag aanleggen. Het tegendeel is echter waar. Kanoeten op Bohai Bay verkleinen juist hun maag! Dit raadsel wordt in het wetenschappelijk tijdschrift als volgt verklaard: Potamocorbula laevis is heel makkelijk te kraken en in overvloed aanwezig. Kanoeten kunnen dus met een kleine maag toe om toch een vetvoorraad op te bouwen. Zonder energie te spenderen aan een grote maag, zitten kanoeten als het ware aan de tap in Bohai Bay!

Klik hier voor een korte samenvatting  van het artikel.

Klik hier voor het volledige wetenschappelijk artikel.

Koninklijk Nederlands Instituut voor Onderzoek der Zee Sovon vogelonderzoek Nederland Nederlands Instituut voor Ecologie Vogeltrekstation Stichting natuurinformatie Werkgroep Lepelaar Rijksuniversiteit Groningen Universiteit van Amsterdam Global Flyway Network in Australia